Afbeelding van de campagne "Ongehoord" van FIOM. Deze stelt een vraag die ons allemaal bezighoudt.
FIOM's mediarichtlijn: taalsturing rond abortus met bijna 10 miljoen subsidie
FIOM, het expertisecentrum voor ongewenste zwangerschap, publiceert een mediarichtlijn die journalisten aanraadt om neutrale termen als “vrucht” en “zwangerschap” te gebruiken en woorden als “ongeboren kind” of “baby” te vermijden.
Natuurlijke bevolkingskrimp in Nederland en subsidie voor FIOM
Terwijl Nederland al enkele jaren te maken heeft met natuurlijke bevolkingskrimp – meer sterfgevallen dan geboortes – ontvangt FIOM, het expertisecentrum voor ongewenste zwangerschap, in 2024 ruim € 9,41 miljoen aan overheidssubsidie. Begin april 2026 publiceerde de organisatie een mediarichtlijn die journalisten adviseert over woordgebruik bij berichtgeving over abortus. De richtlijn raadt aan termen als “ongeboren kind”, “baby” of “ongeboren leven” te vermijden en in plaats daarvan te kiezen voor “vrucht”, “zwangerschap” of “embryo/vrucht”. Ook wordt geadviseerd om niet te spreken van een “pro-life”-beweging, maar van een “anti-abortusbeweging”.
FIOM mediarichtlijn abortus woordgebruik
FIOM presenteert deze aanbevelingen als een handreiking voor “feitelijke, zorgvuldige en respectvolle berichtgeving” die stigma rond abortus moet verminderen. Volgens de organisatie framen media abortus vaak als een beladen en omstreden onderwerp, wat vrouwen zou kunnen ontmoedigen om hulp te zoeken. De richtlijn is gebaseerd op eigen onderzoek naar media-aandacht en moet bijdragen aan een neutrale, niet-oordelende benadering.
Geen zwangere vrouw laten zien
Concrete voorbeelden uit de richtlijn maken duidelijk hoe verstrekkend de adviezen zijn. Zo adviseert FIOM om niet te spreken over een “baby”, “ongeboren kind”, “jongetje” of “meisje” in de baarmoeder, maar consequent over “de vrucht” of “de zwangerschap”. In plaats van “abortus plegen” wordt voorgesteld te kiezen voor “een abortus doen” of “de zwangerschap afbreken”. Een (toekomstige) moeder wordt aangeduid als “zwangere vrouw”, terwijl de vader wordt aangeduid als “verwekker”. Ook het begrip “pro-life” wordt afgeraden ten gunste van “anti-abortus”. Ook moeten foto’s van grote zwangerschapsbuiken of plaatjes van voldragen baby’s vermeden worden.
Mens wordt medisch object
Volgens FIOM maken deze termen de berichtgeving neutraler en minder beladen, maar feitelijk reduceren ze de menselijke en morele dimensie van de ongeboren kinderen systematisch tot een medisch object. Bovendien is het vermogen van de vrouw om leven voort te brengen iets diep gezegends en heiligs - door te doen alsof de (ongeplande) zwangerschap een last is en de zwangere buik niet in beeld te brengen wordt de vrouw effectief berooft van haar vrouwelijkheid.
Rechten van ongeboren kinderen bestaan niet in FIOM richtlijn
Een organisatie die zich bezighoudt met zwangerschap, adoptie en nazorg, zou een evenwichtiger perspectief moeten bieden. Door ongeboren kinderen systematisch te reduceren tot medische termen als “vrucht”, verdwijnt de morele en menselijke dimensie van abortus naar de achtergrond. Abortus wordt daarmee primair gepresenteerd als een kwestie van vrouwenrechten en zelfbeschikkingsrecht, terwijl het belang van het ongeboren kind onderbelicht en onbesproken blijft.
Ongemerkte ideologische omkering volgens Plinio Corrêa de Oliveira
Deze aanpak is een klassiek voorbeeld van wat de Braziliaanse denker Plinio Corrêa de Oliveira al in 1965 beschreef als “ongemerkte ideologische omkering”. Via een combinatie van angst voor stigma en polarisatie enerzijds, en sympathie voor begrippen als respectvolle, zorgvuldige en niet-oordelende berichtgeving anderzijds, worden journalisten en lezers stap voor stap meegevoerd naar een ander moreel kader. Door systematisch menselijke en moreel beladen termen (“baby”, “ongeboren kind”, “pro-life”) te vervangen door neutraal-medische (“vrucht”, “zwangerschap afbreken”, “anti-abortusbeweging”), verdwijnt de ethische dimensie van ongeboren kinderen ongemerkt uit beeld, terwijl abortus als routineuze gezondheidszorg wordt genormaliseerd.
Lees ook: Taal als machtsinstrument: de gelekte taalgids ontmaskert het ministerie van OCW
Overeenkomsten FIOM richtlijn en OCW taalgids
De FIOM-richtlijn vertoont opvallende overeenkomsten met de inclusieve taalgids van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) uit 2025. In die gids, die circa €40.000 kostte, worden ambtenaren aangespoord om termen als “Moederdag” en “Vaderdag” te verbreden of te vervangen door iets als “Jij-dag”, om diverse gezinsvormen niet uit te sluiten. Andere voorbeelden betreffen het vermijden van historisch beladen termen of het herformuleren van maatschappelijke problemen. Beide documenten moeten worden gezien als pogingen om via taal het publieke discours te sturen: bepaalde woorden worden als stigmatiserend bestempeld, terwijl alternatieven een specifiek perspectief versterken.
Kamervragen SGP, ChristenUnie en BBB over FIOM-richtlijn
SGP, ChristenUnie en BBB hebben naar aanleiding van de FIOM-richtlijn Kamervragen gesteld aan de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Zij vragen zich af of het wenselijk is dat een met publiek geld gefinancierde organisatie taaladviezen geeft die de realiteit van abortus lijken te verzachten. Critici wijzen erop dat FIOM in haar missie expliciet het zelfbeschikkingsrecht van de vrouw centraal stelt, terwijl het belang van het ongeboren kind in de communicatie rond abortus nauwelijks een zelfstandige rol krijgt. Bij adoptie en afstand spreekt FIOM wél over het belang van het kind, maar bij abortus blijft die focus achterwege.
Meer aandacht voor het ongeboren kind
De Wet afbreking zwangerschap spreekt van de "verantwoordelijkheid" voor "ongeboren leven". Als FIOM een echt expertisecentrum wil zijn, dan moet het in lijn met de wet veel meer aandacht besteden aan dat ongeboren leven (of liever gezegd: het ongeboren kind). Bijvoorbeeld door informatie over de ontwikkeling van het kindje in de moederschoot, mogelijke emotionele gevolgen voor vrouwen (inclusief spijt bij een deel van hen), en concrete ondersteuning voor wie de zwangerschap wil doorzetten. Adoptie blijft in de praktijk een marginale optie: in recente jaren stonden slechts enkele tientallen vrouwen hun kind af.
Taalsturing door publieke instellingen en politieke invloed
De discussie over de FIOM-richtlijn is geen incident. Zij past in een patroon waarin publieke instellingen via taaladviezen een bepaald ethisch kader als neutraal presenteren. Voorstanders zien dit als een legitieme poging om stigma te bestrijden en vrouwen te ondersteunen. In werkelijkheid is het een vorm van politieke sturing die afwijkende morele opvattingen marginaliseert, gefinancierd met belastinggeld. Met bijna tien miljoen euro subsidie heeft FIOM een belangrijke publieke rol. Die rol brengt de verantwoordelijkheid mee om niet alleen de autonomie van de vrouw te benadrukken, maar ook het leven dat in de zwangerschap ontstaat serieus te nemen. Taal is geen neutraal instrument: woordkeuze beïnvloedt hoe wij als samenleving denken over leven, dood en verantwoordelijkheid.
Taalgebruik Stirezo Pro Life versus FIOM richtlijn
Bij Stirezo Pro Life zijn wij evenzeer bezig met ons taalgebruik. Ook wij denken nadrukkelijk over woorden en definities om de publieke opinie te beïnvloeden en zo politieke druk uit te oefenen. Opvallend (of misschien juist niet) is dat de taalgids van onze redactie een inversie is van de mediarichtlijn van FIOM. Zo spreken wij nooit van een “abortus doen” of een “zwangerschap afbreken”, maar kiezen wij bewust voor een “abortus plegen”. Wij vermijden het woord abortusarts en abortuskliniek en kiezen nadrukkelijk voor “abortuscentra” en “aborteur” omdat abortus geen zorg is, maar moord. Wanneer mogelijk kiezen wij voor “ongeboren kind” in plaats van “embryo” of “foetus”.
Geen subsidie voor Stirezo Pro Life, maar onafhankelijkheid
In tegenstelling tot FIOM krijgt Stirezo Pro Life geen 10 miljoen, maar 0 euro subsidie van de Nederlandse overheid. Het is daarmee een ongelijke strijd, maar het zorgt ervoor dat wij onafhankelijk zijn en vrij om voor de rechten van ongeboren kinderen op te komen, zonder inmenging van de overheid. Uw steun is daarbij van doorslaggevend belang. Als u ook aanstoot neemt aan de OCW taalgids en de FIOM mediarichtlijn, steun ons dan. Wij zijn het maatschappelijk tegengif voor deze steenrijke NGO’s en iedere donatie, hoe klein ook, maakt een wereld van verschil.
Iedere abortus doodt een onschuldig ongeboren kind – uw gift redt levens!
Uw gift kan een leven redden. Elke dag vecht Stirezo Pro Life voor ongeboren kinderen die zonder uw hulp hulpeloos zijn. Zij kunnen niet spreken, maar u wel. Met uw donatie geeft u ze een kans op leven. Wacht niet langer – elke seconde telt in deze strijd. Doneer nu en word de held die ze nodig hebben.
Laatst bijgewerkt: 16 april 2026 11:07