Minister Hermans schrapt voorlopig de 13-wekenecho
Naar aanleiding van het advies van de Gezondheidsraad heeft minister Sophie Hermans (VVD) de Tweede Kamer per brief laten weten dat de 13-wekenecho vanaf 1 januari 2028 niet meer zal worden aangeboden.
De 13-wekenecho
Sinds september 2021 kunnen zwangeren in de dertiende week een echo laten maken om bepaalde lichamelijke afwijkingen bij het ongeboren kind vroeg op te sporen. De echo wordt aangeboden als onderdeel van de IMITAS-studie, naast de gebruikelijke 20-wekenecho. Volgens de onderzoekers geeft vroege ontdekking van afwijkingen ouders meer tijd om voor een abortus te kiezen, waardoor zij minder “onprettige tijdsdruk” ervaren.
Advies van de Gezondheidsraad
De Gezondheidsraad adviseerde in september om de echo in de huidige opzet niet structureel in te voeren. In het eerste onderzoeksjaar werden 129.704 echo’s gemaakt. Van de 1.313 uitslagen die tot een verwijzing leidden, bleken er 775 achteraf onjuist: er werd geen afwijking gevonden. Ook werden afwijkingen gemist. De raad oordeelde daarom dat de voordelen (abortus) in de onderzochte opzet niet opwogen tegen de nadelen (onjuiste diagnoses). Wel adviseerde de raad te onderzoeken of een aangepast protocol de verhouding tussen voor- en nadelen kan verbeteren. Daarmee werd de deur opengehouden voor structurele invoering.
Het besluit van de minister
De IMITAS-studie kreeg een vergunning voor onderzoek met de 13-wekenecho tot 1 januari 2028. Minister Hermans liet de Tweede Kamer weten dat deze vorm van prenatale screening daarom op 1 januari 2028 wordt beëindigd. De Gezondheidsraad adviseerde om de huidige 13-wekenecho niet structureel in te voeren, maar hield de optie open voor ‘verbeteringen’ in het protocol. Minister Hermans ziet geen basis voor verbeteringen van dit specifieke echoaanbod en daarom evenmin reden om de 13-wekenecho in aangepaste vorm aan te bieden.
De hele keten onder het vergrootglas
De beslissing sluit echter een toekomstige vorm van vroege prenatale screening niet volledig uit. Minister Hermans gaf te kennen de hele keten van prenatale screening onder het vergrootglas te willen leggen. Daarbij gaat het onder andere om de NIPT en de bestaande 20-wekenecho. Daarbij sloot de minister niet uit dat in een later stadium opnieuw advies wordt gevraagd over de 13-wekenecho of een andere vorm van vroege prenatale screening.
“Reproductieve autonomie”
Bij zowel de onderzoekers als de Gezondheidsraad en minister Hermans staat hetzelfde uitgangspunt centraal: “reproductieve autonomie”. De 13-wekenecho geeft ouders meer tijd om te beslissen of zij bij een afwijking hun kind willen aborteren. Volgens de onderzoekers zijn de psychische klachten gemiddeld minder ernstig wanneer een zwangerschap eerder wordt beëindigd (lees: het is emotioneel minder zwaar om het kind vroeger te aborteren). Ook Hermans zegt veel belang te hechten aan ‘reproductieve autonomie’, maar beëindigt het huidige aanbod vanwege het grote aantal onjuiste uitslagen en de onrust die deze veroorzaken.
“Dat is inhumaan”
In Trouw stelde hoogleraar verloskunde Mireille Bekker dat ouders na een late ontdekking van een afwijking bij hun kind nog maar weinig tijd hebben om te beslissen. “Zij moeten de moeilijkste beslissing van hun leven soms binnen een dag nemen. Dat is inhumaan,” zei Bekker. Ook in deze redenering staat “reproductieve autonomie” centraal. Snel over een abortus moeten beslissen zou volgens deze redenering inhumaan zijn, maar de abortus zelf kennelijk niet.
Een overwinning voor het ongeboren kind
Voor nu is het besluit van de minister een kleine overwinning voor het ongeboren kind. Vanaf 2028 wordt via deze echo in elk geval niet langer op grote schaal zo vroeg naar afwijkingen gezocht, met alle risico’s van onjuiste uitslagen en verdere selectie op gezondheid. Iedere stap die de jacht op kinderen met een handicap afremt, hoe klein ook, is positief. Maar we moeten de ogen wijd openhouden: de 13-wekenecho kan in een aangepaste vorm terugkeren. Daarom moeten wij bij de toekomstige inrichting van de prenatale screening de vinger aan de pols houden. Vroege screening kan waardevol zijn wanneer zij leidt tot zorg en ondersteuning voor moeder en kind. Maar wanneer het nut ervan wordt afgemeten aan de extra tijd die ouders krijgen om voor abortus te kiezen, blijft waakzaamheid geboden.
Laatst bijgewerkt: 19 oktober 2026 11:42